De BEL-gemeenten gaan aan de slag met de toegankelijkheid van de zorg
NH Gooi
BLARICUM/EEMNES/LAREN - Zeven jaar geleden beloofden de gemeenten Blaricum, Eemnes en Laren de toegang tot zorg te verbeteren. Maar van de acht aanbevelingen die de gemeenteraden destijds overnamen, zijn er slechts drie helemaal uitgevoerd. Dat blijkt uit onderzoek van de Rekenkamer BEL. Uit openbare stukken blijkt niet dat gemeenteraden grondig hebben gecontroleerd of de aanbevelingen echt werden uitgevoerd.
In 2019 onderzocht de Rekenkamer BEL hoe toegankelijk de Wmo en jeugdhulp waren in Blaricum, Eemnes en Laren. Via de Wmo kunnen inwoners ondersteuning krijgen, bijvoorbeeld bij het huishouden of zelfstandig wonen. Jeugdhulp is bedoeld voor kinderen en gezinnen die ondersteuning nodig hebben bij opvoed- of opgroeiproblemen. Bij het onderzoek kwamen verschillende problemen met de informatievoorziening en samenwerking tussen zorgorganisaties aan het licht. De drie gemeenteraden namen toen acht aanbevelingen over om de situatie te verbeteren.
Zeven jaar later blijkt dat een groot deel daarvan nog altijd niet volledig is uitgevoerd. Hoewel op alle aanbevelingen actie is ondernomen, blijven vijf verbeterpunten staan. Vooral samenwerking tussen zorgorganisaties, informatievoorziening en de bekendheid van de verschillende mogelijkheden om hulp te krijgen laten volgens de onderzoekers nog te wensen over.
Gemeenteraden controleren nauwelijks
Opvallend is dat de Rekenkamer niet alleen kritisch is op de uitvoering. Een gemeenteraad moet controleren of het college van Burgemeester en Wethouders besluiten uitvoert. Dit is een van de hoofdtaken van een gemeenteraad. En juist dát lijkt onvoldoende te zijn gebeurd.
Uit de openbare raadsstukken blijkt namelijk dat de gemeenteraden niet actief hebben gevraagd naar de uitvoering of voortgang van de aanbevelingen. In Eemnes kwamen een aantal van de aanbevelingen nog wel ter sprake, maar van structurele controle was volgens de onderzoekers geen sprake. De Rekenkamer adviseert de drie gemeenteraden daarom om voortaan periodiek verslag te laten uitbrengen over de voortgang.
Vaak onduidelijk waar inwoners terechtkunnen
Dat er nog voldoende te verbeteren valt, blijkt uit een enquête onder inwoners die eerder contact hadden met de gemeentelijke toegang. Van de ondervraagden die bij Maatschappelijke Zaken HBEL terechtkwamen, wist 22 procent niet bij welke organisatie zij hun hulpvraag moesten neerleggen. Volgens vergelijkingscijfers van onderzoeksbureau ZorgfocuZ ligt dit percentage in veel andere gemeenten in Nederland rond de 9 procent.
Ook moeten inwoners regelmatig meerdere keren hetzelfde verhaal vertellen. Van de respondenten bij Maatschappelijke Zaken HBEL geeft 38 procent aan hun hulpvraag vaker dan één keer aan een gemeentemedewerker te hebben uitgelegd voordat er een besluit werd genomen.
Gemeenten beloven verbetering
De colleges van Blaricum, Eemnes en Laren herkennen zich grotendeels in de bevindingen, gaven ze aan in reacties op het eerste concept van het rapport dat in juni uitkwam. De gemeenten beloven te werken aan de toegankelijkheid en betere samenwerking tussen zorgorganisaties. Ook komt er een regionaal promotieplan om de Leefstijlpunten bekender te maken.
Om te voorkomen dat de nieuwe aanbevelingen opnieuw onvoldoende worden gevolgd, beloven de colleges de gemeenteraden voortaan periodiek te informeren. Daarmee ligt de verantwoordelijkheid dit keer duidelijker bij de gemeenteraden. Het is aan hen om vanaf nu wel structureel te controleren of de aanbevelingen worden uitgevoerd.